Bedrijven en Pride: oprechte steun of slimme marketingtruc?

Bart Remmers
Komend weekend staat Amsterdam weer in het teken van Pride, de jaarlijkse viering van de rechten van homo- en biseksuelen en transgenders. En ook dit jaar springen marketeers in op het regenboogfeestje.

Zo is ING dit jaar voor het eerst partner van Pride Amsterdam en geeft het daarmee invulling aan de ‘Kleur het leven’-campagne tijdens het evenement. Op Schiphol, het Centraal Station en de metrostations in Amsterdam worden reizigers verwelkomd met de boodschap ‘Freedom, here I come’ met daarbij de uiting van de regenboogvlag. Op de luchthaven is voor het eerst een bagagebelt uitgevoerd in de regenboogkleuren. 

Canal Pride

Ook kunnen klanten een speciale ING Betaalpas in regenboogkleuren aanvragen. Zoals gebruikelijk kleuren ook de ING-kantoren in Amsterdam mee. Daarnaast vaart ING voor de 13e keer met een boot tijdens de Canal Parade waarop medewerkers van de bank een show geven. 

Ook Shell pakt deze dagen uit door onder andere de luifels van de stations te bestickeren met de kleuren van de regenboog. Het bedrijf wil zo laten weten dat iedereen welkom is bij Shell, en dat Shell de LHBT-gemeenschap een warm hart toedraagt.

Pink Pound

De ondernemingen zijn er duidelijk over: het is geen slimme stunt om de pink pound te grijpen, ze staan voor diversiteit - intern en extern - en dragen dat graag uit.

Critici wijzen echter op dat de regenboogvlaggen vooral alleen in ons land wapperen, niet in wat minder homovriendelijke landen waar men eveneens actief is. Zin of onzin? Mogen we trots zijn op de Pride-inhakers of is een gezonde dosis cynisme op zijn plek? 

afbeelding van Bart Remmers
Door: Bart Remmers

Bart Remmers | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Bart